9 tips om persoonlijke doelen te stellen en te halen

Werkdoelen stellen en halen is nog wel te doen. Naar je werk moet je toch en ach, nu je er toch bent: waarom dan niet lekker doelgericht te werk gaan? Met persoonlijke doelen is dat vaak ingewikkelder: daar is geen controle op.



Áls we in ons privé-leven al doelen opstellen, sneuvelen die vaak in drukke periodes (of in de waan van de dag). Terwijl je ook naast je werk natuurlijk stappen wilt zetten en nieuwe dingen wilt proberen. Deze 8 tips om persoonlijke doelen te bepalen en te bereiken helpen je om je privé-doelen niet meer uit het oog te verliezen.

1. Gooi zakelijke en persoonlijke doelen op één berg


Geen onderscheid meer maken tussen zakelijke en persoonlijke doelen. Vanaf nu heb je: doelen. Punt.

Dit was één van mijn favoriete tips uit GRIP. Je weet wel, dat productiviteitsboek van Rick Pastoor, waar minstens één van je collega’s een inspiratiesessie over gegeven heeft en wat minstens één vriend je goedbedoeld maar ongevraagd opgedrongen heeft toen jij meldde dat jouw inbox momenteel net zo hard groeit als dat de poolkappen smelten. Ik schreef al eerder over wat ik veranderde in mijn manier van werken en plannen na het lezen van GRIP.

Het is simpel: jij bent maar één persoon. Met één brein met daarin een beperkte hoeveelheid aandacht en één agenda met daarin een beperkte hoeveelheid tijd. 

Die moet je verdelen.

Als je je werkdoelen wel scherp voor de geest hebt en je persoonlijke doelen niet, is het niet gek dat die persoonlijke doelen de strenge selectie voor jouw kostbare tijd en aandacht niet halen. 

Ik zet al mijn doelen in één document. En dat document bestaat uit niet meer dan een paar bulletpoints met een stuk of vijf doelen – werk en privé door elkaar. Dat document is leidend bij het bepalen van mijn prioriteiten. Supersimpel, maar dat is juist waarom het werkt.

Stel niet teveel doelen


2. Stel niet teveel doelen


Wij zijn vreselijk slecht in multitasken omdat onze hersenen vreselijk slecht zijn in multitasken. En als ik zeg ‘vreselijk slecht’ bedoel ik: ze kunnen het niet. Je brein heeft niet de goeie software.

Dat wat wij multitasken noemen, is in feite switchtasken. Je schakelt dan heel snel tussen verschillende taken. En elke keer dat je schakelt naar een nieuwe taak, blijft er een stukje aandacht achter bij de oude taak. Niet al te best voor de prestaties van je brein dus.

In FOCUS Aan/Uit noemt gedragswetenschapper Mark Tiggelaar dat: als je wisselt, ben je af.

Hoe minder doelen je tegelijk hebt lopen, hoe minder je hoeft te wisselen en hoe meer je je kunt focussen op één bepaald doel. Veel efficiënter gebruik van je hersencapaciteit, veel grotere kans van slagen.

3. Neem niet teveel tijd voor je doelen


Het is moeilijk om op 2 januari prioriteit te geven aan een doel dat pas aan het eind van het jaar verloopt. Of misschien spring je er op 2 januari nog enthousiast voor uit bed (want: het doel is nog helemaal leuk en nieuw en glimmend), maar dikke kans dat je op 10 januari weer overgaat tot de orde van de dag: koffie drinken, daar een foto van op Instagram zetten, op koopjesjacht met je moeder en natuurlijk: je werkdoelen.

Maar zou jij niet eigenhandig een schuur in de achtertuin gaan bouwen (ja echt, sommige mensen kunnen dat) of leren hoe je een koprol achterover maakt?

Zelf ga ik voor kwartaal-doelen. Die periode is kort genoeg om meteen vanaf het begin mijn focus te pakken en lang genoeg om echt naar iets groots toe te kunnen werken.

4. Vergeet de zachte doelen niet


Ja oké, je wilt graag Chinees leren, 10.000 euro ophalen om zonnepanelen op het clubhuis van je korfbalvereniging te kunnen leggen, een sixpack kweken die kan concurreren met die van je kleine broertje en nou eindelijk eens die onderbouwde politieke voorkeur ontwikkelen.

Ik snap het.

Maar vergeet zeker niet te kijken of er ‘zachtere’ doelen zijn die je wilt ontwikkelen. Noem ze competenties. Noem ze persoonlijke vaardigheden. Noem ze zoals je wilt, maar denk aan:

  • Belangstelling tonen in vrienden en familie.

  • Het uitspreken als je iets dwars zit. 

  • Minder vaak boos worden.

Vallen misschien niet direct in de categorie: Groots Dromen. Maar wel in de categorie: Maximale Impact. Op je levensvreugd enzo. En die van je omgeving. Is ook de moeite waard.

5. Maak je doelen zo concreet mogelijk


Blijf niet hangen in abstracte doelen. Als je het niet concreet maakt, wordt het resultaat sowieso een teleurstelling. Je weet dan niet wanneer je een doel gehaald hebt en kunt dus eigenlijk alleen maar falen. Je kunt in ieder geval niet slagen. Omdat je niet weet wanneer dat is. Dit soort doelen dooft vaak langzaam uit.

Dus niet:
Ik wil meer lezen.
Maar:
Ik ga dit kwartaal elke maand twee boeken lezen.

En niet:
Ik ga minder rommel maken.
Maar:
Ik ruim alle troep die ik maak op voor ik ga slapen.

Weet je tenminste ook wanneer je je succes mag vieren.

Stel doelen en bepaal stappen


6. Bedenkt bij ieder doel wat je vandaag nog kunt doen om het te halen


Koppel aan ieder doel dat je stelt een mini-actie die je vandaag nog uit kunt voeren. Die tip duikelde ik een aantal jaar geleden op toen ik Een werkweek van 4 uur van Timothy Ferris las.

Veel doelen kunnen nogal overdonderend zijn als je ze benoemt: want waar moet je beginnen? En zo schuiven doelen op. Maar niet als je meteen begint!

  • Ga jij 10 kilo afvallen? Verplaats je chips-voorraad naar de prullenbak (pro-tip: niet met de zak eromheen he, lekker uitschudden, ander kun je ‘m er ‘s avonds als je lekker zit te Netflixen zo weer uitvissen).

  • Ga je voor een nieuwe baan? Zoek vast 3 vacatures die je leuk lijken. 

  • Wil je meer tijd doorbrengen met je kinderen? Roep ze nú bij elkaar om een balletje te gaan trappen. Of een spelletje te spelen #weetikveelwatjouwkinderenleukvinden. En jij misschien ook niet. Maar daar kom je met dit doel vanzelf achter.


Doelen worden in je hoofd altijd groot. Heel groot. Dus dan kun je net zo goed morgen beginnen.

Maar de eerste stap is klein. Heel klein. Dus die kun je net zo goed nu zetten.

En als je dan toch begonnen bent, kun je net zo goed doorzetten. Top. 

7. Zeg je doelen hardop


Nee niet tegen jezelf in de spiegel. Je bent toch geen gekkie. Tegen andere mensen.

In je eentje stiekem mooie doelen hebben is natuurlijk ontzettend veilig. Maar dat soort doelen noemen we geen doelen. Die noemen we dromen. En dromen zijn top, maar vooral voor in bed. Of om er doelen aan vast te knopen.

Je omgeving is je stok achter de deur. Want de meeste mensen zijn ontzettend bang om een ontzettende falerd te zijn in de ogen van hun dierbaren. Niet zo’n leuke angst, maar dit is je kans ‘m in je voordeel te gebruiken. Ga ervoor. 

  • Zeg tegen je kinderen dat je vaker iets leuks samen wilt doen. Daarin ga je ze sowieso niet teleurstellen. Plus: je wilt je kinderen natuurlijk graag leren dat als je je iets voorneemt, dat je dat dan ook gewoon doorzet. 

  • Deel met je vrienden dat je deze keer echt afscheid gaat nemen van je trouwe bierpens. Als zij ‘m biertjes blijven voeren, gaat ‘ie natuurlijk helemaal nergens naartoe.

  • Vertel je partner dat je minder spullen wilt kopen. Zo verandert dat wat ooit een triomftocht met je nieuwe aankoop was in een walk of shame. Dat zal je leren. Eh, helpen. 

8. Houd planning- en evaluatiebijeenkomsten met jezelf


Om je doelen te behalen, is het belangrijk dat de dingen die je dagelijks doet ook echt toewerken naar het halen van je doelen.

Als je dan vervolgens toch dingen aan het doen bent die niet bijdragen aan het bereiken van je doelen, ben je jezelf voor de gek aan het houden.

Dat kun je maar beter zo snel mogelijk onderscheppen. Je had nou juist het aantal doelen beperkt, omdat je niet alles tegelijk kunt.

Zelf stel ik kwartaaldoelen op en maak ik in een Excelsheet een overzicht met de stappen die ik moet zetten om die doelen te halen. Iedere vrijdag heb ik dan een vast moment om te kijken of wat ik die week gedaan heb nog steeds optelt tot het bereiken van mijn doelen.

En dat werkt heel prettig! Als ik kan vaststellen dat ik nog steeds op de goeie weg zit, geeft dat een voldaan gevoel. Ook al ben ik er nog niet. Het wordt makkelijker om de tussenstappen te vieren.

En als ik stiekem niet op de goede weg ben, duurt het nu nooit lang voordat er weer een logisch moment is om bij te sturen.

Je wilt voorkomen dat je teveel vooruit blijft schuiven. En zéker dat je niet alleen maar het gevoel hebt dat je hard werkt, maar dat dat ook daadwerkelijk zo is. 

9. Geef jezelf ruimte om het opnieuw op te pakken


Je gaat een keertje falen. En dat is prima. Bij mij bestaat dat meestal uit heel hard werken, maar eigenlijk aan niks. Veel kleine dingen die eigenlijk geen zoden aan de dijk zetten, terwijl er iets Groters is dat ook Lastiger is, waar ik éigenlijk misschien wel drie dagen op stuk zou moeten slaan. Maar al die kleine dingetjes van drie minuten voelden gewoon even lekkerder.

Opmerken → bijsturen → door

Dus, weet je ze nog?

  1. Gooi zakelijke en persoonlijke doelen op één berg.

  2. Stel niet teveel doelen. 

  3. Neem niet teveel tijd voor je doelen.

  4. Vergeet de zachte doelen niet.

  5. Maak je doelen zo concreet mogelijk.

  6. Bedenkt bij ieder doel wat je vandaag nog kunt doen om het te halen.

  7. Zeg je doelen hardop.

  8. Houd planning- en evaluatiebijeenkomsten met jezelf. 

  9. Geef jezelf ruimte om het opnieuw op te pakken.

Succes! En veel plezier natuurlijk. Want doelen bereiken is leuk. 

Moeite om gefocust te blijven op je doelen? Lees ook 7 eenvoudige gewoonten die ervoor zorgen dat je doelgericht blijft.

Share on pinterest
Share on twitter
Share on linkedin
Share on email
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on pocket
.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *