7 gewoonten die je helpen om doelgericht te blijven

Ken je dat gevoel dat je je lekker druk en (als je heel eerlijk bent) belangrijk voelt, maar toch niet per se dichterbij je doelen komt? Best wel stressvol. Terwijl er een dikke kans is dat je je gewoon niet focust op de goede dingen. Met deze 7 gewoonten word je een doelgerichte machine. Maar dan gezellig natuurlijk hè. Want het mag allemaal best een beetje leuk blijven.



Eerst een korte uitleg waarom je überhaupt nieuwe gewoonten zou moeten ontwikkelen rondom doelgericht werken.

Een gewoonte maken van doelgericht zijn, voorkomt dat je afhaakt


Het menselijk brein is dol op gewoonten. Zo onderhandel jij heus niet elke avond met jezelf of je wel of geen zin hebt om je tanden te poetsen en ook niet elke ochtend of je wel of geen zin hebt om aan het werk te gaan. En zo smeer ik elke ochtend zonder nadenken de boterhammen van meneer BuutBrein (pindakaas en vlokken) terwijl hij op zijn beurt zonder nadenken rechtstreeks van de slaapkamer naar de douche gelopen is.

Sterk spul, zo’n gewoonte.

Dan komt omdat gewoonten vaste gedragspatronen inslijten in je hersenen. Doelen halen vraagt juist om nieuwe bezigheden. Dat kost je hersenen veel meer energie en wilskracht, omdat je voor dat type gedrag steeds bewust moet kiezen. Daarom haken veel mensen af als resultaat en/of beloning te lang uitblijft.

Doelgericht: focus op de roos!


Als je een gewoonte maakt van het doelgericht werken zelf, verklein je de kans dat je onderweg opgeeft aanzienlijk. En dat is top. Want doelen halen is leuk. Misschien is de term doelgericht leven ook wel meer op z’n plaats dan doelgericht werken. Want natuurlijk kan het je doel zijn om meer geld binnen te harken voor je baas zodat jij die toffe promotie binnen sleept. Maar het kan net zo goed je doel zijn om je eigen moestuin aan te leggen of de rust in je lijf terug te krijgen om vaker op de bank een boekje te lezen.

Wat je doel ook is: deze 7 gewoonten helpen je om er vol voor te (blijven!) gaan.

1. Doe alleen het belangrijkste #prioriterenkunjeleren


Doelen halen begint met eerlijk zijn naar jezelf. Vraag jezelf vaker af: ben ik écht doelgericht bezig, of houd ik mezelf voor de gek met randzaken die vooral zorgen voor een snelle shot dopamine, maar niet écht zoden aan de dijk zetten? Dit soort activiteiten zijn typisch:

  • Mailen over een project (terwijl je ook aan dat project zou kunnen werken).

  • Urenlang vergaderen over een project (terwijl je ook aan dat project zou kunnen werken).

  • Je superlang op een project ‘oriënteren’ of ‘inlezen’ (terwijl je ook aan dat project zou kunnen werken).

Om die eerste twee punten live te zien gebeuren, hoef je alleen maar een willekeurig kantoor binnen te lopen. Om dat laatste punt live te zien gebeuren, hoef je alleen maar mijn huiskamer/thuiskantoor binnen te lopen als ik net aan een nieuw project begin. Eindeloos googelen en stapels boeken wegwerken tot ik in theorie alles weet, maar in de praktijk nog steeds geen idee heb waar ik mee bezig ben: daar was ik vroeger dus echt koningin van.

Inmiddels ben ik daar gelukkig meer de gelegenheids-prinses van. Onder andere doordat het Doe Iets-principe van Mark Manson uit De edele kunst van not giving a f*ck zich met weerhaken in mijn gedachten genesteld heeft.

Het Doe iets-principe


Dit principe is (zoals in feite de meeste principes) bijna beledigend (want: hoezo heb je dit zelf nooit zo geformuleerd?) eenvoudig: je begint gewoon met iets. Als dat iets niet werkt, doe je gewoon iets anders. En zolang je steeds maar weer een nieuwe iets kiest, kom je vanzelf ergens. En bevind je je in ieder geval niet tegen wil en dank in eindeloze vergaderingen, je mailbox of de diepste krochten van Google. 

Kortom: stop met jezelf saboteren.

Als je aan je doel werkt, werk je aan je doel. Anders krijg je het gevóel dat je ergens heel hard aan werkt, zonder dat je resultaat ziet: iets wat je kunt vastpakken, op je bankrekening kunt zetten, of een bevredigend gevoel. Opgeven ligt dan op de loer. En stress. Niet leuk. Plus: je haalt én niet het beste uit jezelf én hebt geen tijd over om als een zak aardappelen op de bank te zitten en een serie te bingen. En dat is soms ook echt heel lekker. 

2. Omarm singletasken: doe maar één ding tegelijk


Je hersenen kunnen maar één ding tegelijk. Dat betekent helaas voor jou dat jij ook maar één ding tegelijk kunt. Stop dus met multitasken. Als je iets aan het doen bent, focus je je op dat en op dat alleen.

Afleiding is ook een vorm van multitasken

Waak ook voor verkapt multitasken: dingen of mensen die je steeds uit je concentratie halen, zodat je toch steeds weer opnieuw aan je taak moet beginnen. Iedere keer dat je wisselt van taak, blijft er namelijk een stukje aandacht achter bij de vorige taak. Klassiekers: 

  • Werken of studeren met je telefoon ernaast. Je brein is gek op notificaties. Dus zelfs al doe je niks met je binnenkomende berichtjes, je bent je focus hoe dan ook kwijt omdat je brein registreert dat iets potentieel leuks of belangrijks zich aan je opdringt. 

  • Je laten onderbreken door andere mensen. Heel onhandig als collega’s steeds aankloppen. Of je kinderen steeds komen laten zien dat ze iets moois gebouwd hebben van de Lego. 

Zorg dat je niet afgeleid kunt worden. Zet op kantoor een koptelefoon op en trek je thuis terug op een werkkamer. Dan ben je sneller klaar en boek je een beter resultaat. Kun je daarna mooi alsnog je collega’s helpen of je kinderen helpen hun Lego-bouwwerken uit te breiden. Want ook daarvoor geldt: als je het doet, doe het dan met aandacht. 

3 Spaar kleine klusjes op


Kleine lullige klusjes. Wat zijn er daar een hoop van. En ze kosten tijd. Maar vooral: aandacht! Je moet namelijk voor al die kleine klusjes aandacht opbouwen. Neuropsychiater Theo Compernolle beveelt in Zo haal je meer uit je brein batchtasken aan. Spaar gelijksoortige klusjes op, gooi ze op een hoop en doe ze in één keer. Zo ga je zo efficiënt mogelijk om met je hersencapaciteit. Dus:

  • Beantwoord eens per dag al je mails en andere berichten.

  • Doe al je huishoudelijke klussen op zaterdagochtend. 

  • Plan vergaderingen direct achter elkaar (bonus: heb je meteen een sociaal geaccepteerd excuus om op tijd weg te gaan).

  • Korte online zoekopdrachten? Spaar ze op en doe een mini-marathon.

Taken bundelen scheelt je brein een hoop schakelen en daarmee een hoop verloren energie. 

4. Geef jezelf een beperkte hoeveelheid tijd per taak


Dwing jezelf om efficiënt te werken door een bepaalde tijd aan een klus te verbinden en een wekker te zetten. Die telt dan af tot het moment dat het klaar moet zijn.

Je kent toch wel dat gevoel dat je voor een strakke deadline ineens veel meer presteert dan je dacht te kunnen? Door jezelf een tijd op te leggen creëer je die deadline-mindset voor jezelf. Kunstmatig. Ik doe dit altijd met schrijfklussen. En met voorbereidend onderzoek. Omdat ik van mezelf weet dat ik de tijd die ik heb, ook gebruik. En dat is zonde, want zo kom ik nooit aan andere dingen toe.

Timer zetten en digitale afleidingen elimineren in één


Ik gebruik als timer Forest, een app waarmee je kunt instellen dat er gedurende een bepaalde tijd een boompje groeit op het beeldscherm van je telefoon. Sla ik mooi twee vliegen in één klap: het is én een timer én ik kan me niet laten afleiden door apps. Want apps zijn gemaakt om zich in je brein te nestelen en dat van mij is daar absoluut gevoelig voor. Forest heeft ook een extension voor je browser, waarmee je in kunt stellen dat je zolang je boompje groeit niet naar bepaalde websites kunt.


Leer hoeveel tijd je nodig hebt


Natuurlijk lukt het niet altijd om een taak af te krijgen in de door jezelf opgelegde tijd. Inschatten hoeveel tijd iets kost, is namelijk supermoeilijk. Dat is het bijkomstig voordeel van deze gewoonte. Je dwingt jezelf namelijk niet alleen om efficiënter om te gaan met je tijd, maar leert ook steed beter hoe lang je voor dingen nodig hebt. Zo krijg je steeds beter zicht op wat je op een dag kunt doen en kun je een betere planning maken.

5. Werkt iets niet? Stop ermee!


Weet je wie zich niet twee keer aan dezelfde steen stoten? Mensen.
Weet je wie dat wel doen? Mensen. Die stoten zich als ze zichzelf de kans geven zelfs wel tweehonderd keer aan dezelfde steen.

In Persuasion, de klassieker van het overtuigen van Robert Cialdini, omschrijft deze psychologie-professor onze hang naar consistentie als een van de pijlers die onder overtuiging liggen. Zonder dat we het doorhebben, hebben we een sterke voorkeur om te handelen in overeenstemming met wat we eerder gezegd of gedaan hebben. Hierdoor staan we niet per se open voor wat in de nieuwe situatie het beste is. Of het beste bij ons past. Maar gaan we het liefst door met wat we al deden.

Niet bepaald doelgericht.

Wen jezelf dus aan om je bezigheden te evalueren. Je doelen, die liggen vast. Maar wees niet bang om je aanpak onderweg te veranderen. Da’s niet falen. Da’s winnen.

Wees een ezel, stoot je geen twee keer aan dezelfde steen.
Wees een ezel.

6. Evalueer jezelf


Ga je nog steeds rechtstreeks op je doelen af, of ben je zonder dat je het doorhad dronken van afleiding op de slingertour geraakt?

Evalueer het. En prik daar een vast moment voor.

Zelf doe ik dat elke vrijdag. Ik pak mijn doelen voor dit kwartaal gesteld heb erbij (zowel werk als privé) en kijk of ik nog op de goede weg zit. Ik noteer verbeterpunten en neem die mee bij het maken van de planning voor volgende week: wat ga ik doen en – net zo belangrijk! – wat ga ik niet (meer) doen.

7. Laat je scherp houden door een ander


Als je het moeilijk vindt om jezelf scherp te houden (want laten we eerlijk zijn: dat is het ook, zéker in het begin), kun je ook kiezen voor wat Rick Pastoor in GRIP een accountability-partner noemt. Dat is iemand met wie je bijvoorbeeld eens per week of twee weken je doelen doorspreekt. Je legt in feite verantwoording af voor de koers die je vaart. Vrijwillig – maar niet vrijblijvend.

Deze persoon is niet: 

  • Je partner (want: persoonlijk betrokken)

  • Je collega (want: belangenverstrengeling)

  • Je moeder (want: sowieso fan van alles wat je doet)

Deze persoon is wel: 

  • Kritisch

  • Constructief

  • Zelf ook heel gemotiveerd om doelgericht te leven

Zo houd je elkaar scherp. En dat is top.

Klaar.


Dat waren 7 gewoonten die helpen om niet af te dwalen van je doelen. Heb jij nog andere? Laat gerust een comment achter!

Kun jij nog wel wat hulp gebruiken bij het stellen van doelen? Lees ook mijn 9 tips om persoonlijke doelen te stellen.

Share on pinterest
Share on twitter
Share on linkedin
Share on email
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on pocket
.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *